0900-333 2222 (10ct pm)

Op werkdagen van 9.00 - 17.00 uur

De zorgmachtiging

Schema ZM

Een zorgmachtiging is bedoeld om verplichte zorg te kunnen bieden over langere tijd: van 6 tot 24 maanden. De machtiging kan worden aangevraagd door zorgverleners, de politie of de gemeente. Als u vindt dat iemand verplichte zorg nodig heeft, dan kunt u contact opnemen met de gemeente en een melding doen.

Hieronder de belangrijkste stappen bij de aanvraag van een zorgmachtiging.

Zie ook: Wat als er problemen zijn met de aanvraag van een zorgmachtiging?

U kunt een melding doen in de volgende situatie: u maakt zich zorgen over uw kind, ouder, broer of zus, partner, ander familielid of een vriend. Deze heeft een ernstig psychisch probleem, een psychiatrische stoornis of een verslaving. Het gaat volgens u niet goed in de zorg rond uw naaste: er is nog geen zorg of die zorg is niet voldoende. U ziet of vreest dat het ernstig misgaat en vindt dat er moet worden ingegrepen, of de ander dat nu wil of niet.

U kunt zelf een melding doen, maar ook met hulp van een zorgverlener, bijvoorbeeld de behandelaar, de crisisdienst of de huisarts. De melding doet u bij de gemeente waar de patiënt woont. Elke gemeente heeft hiervoor een speciaal meldpunt ingericht.

Bereid de melding voor door op een rijtje te zetten:

  • De feitelijke gegevens: hoe gedraagt degene om wie u zich zorgen maakt zich? Wat doet hij of zij precies? Wat is er gebeurd en wanneer was dat? Wat waren de omstandigheden? Hoe is het gebeurd?
  • Waar maakt u zich zorgen over?
  • Welke risico’s ziet u?
  • Wat wilt u dat er gebeurt?

Let op: vermeld ook wat uw relatie is met de betrokkene, want dit kan belangrijk zijn voor het vervolg. Alleen als u de vertegenwoordiger of een ‘directe naaste’ bent, heeft u bijvoorbeeld recht op bepaalde informatie.

Na uw melding heeft de gemeente twee weken de tijd om te bekijken of verplichte zorg echt nodig is. Dat gebeurt met een ‘verkennend onderzoek’. De gemeente onderzoekt dan of de betrokkene mogelijk een psychiatrische stoornis heeft, of er daardoor ernstig nadeel dreigt en of er geen andere maatregelen genomen kunnen worden dan verplichte zorg. Om dit te bepalen wordt de ziektegeschiedenis nagegaan, met betrokkene gesproken en vaak ook met u als naaste.

Als de gemeente vindt dat verplichte zorg nodig is, stuurt ze een aanvraag voor een zorgmachtiging naar het openbaar ministerie. De directe naasten krijgen hiervan bericht. 

Als de gemeente vindt dat verplichte zorg niet nodig is en u bent vertegenwoordiger van de patiënt of een directe naaste, dan wordt u daarvan op de hoogte gesteld. Bent u dat niet, dan mag u niet worden geïnformeerd in verband met de privacywetgeving (algemene verordening gegevensbescherming: avg)


Dat zijn de vertegenwoordiger, de echtgenoot, de geregistreerde partner of degene met wie de patiënt een samenlevingscontract heeft, de ouder(s) en de voor de continuïteit van zorg essentiële naasten.

De geneesheer-directeur laat de patiënt en zijn vertegenwoordiger weten dat er een zorg- machtiging wordt voorbereid. Een behandelaar, de zorgverantwoordelijke, bereidt in overleg met de patiënt en diens vertegenwoordiger het zorgplan voor. De directe naasten kunnen hierbij hun visie geven. De familievertrouwenspersoon kan u daarbij helpen. In een zorgkaart kan de patiënt zijn voorkeuren voor vormen van zorg opnemen. De geneesheer-directeur stuurt alle relevante informatie naar de officier van justitie.

Om verplichte zorg te voorkomen kan de patiënt binnen drie dagen aan de geneesheer-directeur toestemming vragen om een eigen plan van aanpak te maken. In dat plan moet de patiënt duidelijk maken wat hij of zij zal doen om de situatie te verbeteren. De geneesheer-directeur overlegt dan met de officier van justitie of hij de patiënt hiervoor de gelegenheid wil geven en laat dit binnen twee dagen weten aan de patiënt.

Er kunnen redenen zijn dat de geneesheer-directeur het maken van een plan van aanpak afwijst. Bijvoorbeeld omdat hij het gevaar (ernstig nadeel) te groot acht. Of omdat er al eerder een plan van aanpak is gemaakt en dat in de praktijk niet bleek te werken.

Als er wel een eigen plan van aanpak mag worden ingediend, wordt de voorbereiding van de zorgmachtiging twee weken opgeschort. De voorbereiding kan binnen die twee weken worden hervat als de geneesheer- directeur vindt dat het schrijven van het plan van aanpak te lang duurt of als het ‘ernstig nadeel’ toch te groot blijkt.

Bij het schrijven van het plan wordt de patiënt sterk aangeraden om zich te laten helpen door zijn vertegenwoordiger en/of u, als naaste. Ook hierbij kan een familievertrouwenspersoon u ondersteunen.

Op basis van de informatie uit het voorbereidend onderzoek besluit de officier van justitie om wel of niet de rechter om een zorgmachtiging te verzoeken. Dat moet de officier binnen vier tot zes weken besluiten.

Als de rechter het verzoek van de officier heeft ontvangen beslist hij binnen drie weken of er een zorgmachtiging wordt opgelegd. Als de rechter de patiënt een eigen plan van aanpak laat opstellen duurt dit nog twee weken langer. In deze zorgmachtiging staat zo concreet mogelijk welke vormen van verplichte zorg zijn toegestaan voor deze specifieke patiënt en situatie. Het kan bijvoorbeeld gaan om:

Toedienen van medicatie voor een psychiatrische behandeling

Opname in een gesloten afdeling

Beperking van vrijheden, bijvoorbeeld van het gebruik van telefoon

Controle op gebruik van verslavende middelen

Beperking van bezoek

De zorgmachtiging vermeldt hoe lang deze duurt: 6, 12 of 24 maanden. Als de machtiging niet tijdig verlengd wordt, loopt hij vanzelf af. Maar de machtiging kan ook voor het einde van de looptijd (tijdelijk) worden gestopt, als de verplichte zorg niet meer nodig  is. Daar beslist de geneesheer-directeur over.