0900-333 2222 (10ct pm)

Op werkdagen van 9.00 - 17.00 uur

Reactie LSFVP op Internetconsultatie Wmo woonplaatsbeginsel beschermd wonen

Reactie LSFVP op Internetconsultatie Wmo woonplaatsbeginsel beschermd wonen

Op dit moment zijn gemeenten verantwoordelijk voor beschermd wonen voor mensen die zich bij een gemeente melden. Er zijn thans gemeenten met veel, maar ook met weinig voorzieningen voor beschermd wonen. Het beleid is erop gericht dat alle gemeenten zorgen voor lokale voorzieningen voor haar inwoners en voor preventie. Om dat te bereiken regelt dit wetsvoorstel dat gemeenten verantwoordelijk worden voor de verstrekking van beschermd wonen voor de eigen inwoners (woonplaatsbeginsel).

Verwachte effecten van de regeling voor de doelgroepen

Cliënten
Cliënten die behoefte hebben aan beschermd wonen wenden zich voortaan tot de gemeente waar zij hun woonplaats hebben, die verantwoordelijk is voor een passende voorziening. Door de verwachte toename van lokale voorzieningen heeft de cliënt meer keuzemogelijkheden, met name in de vertrouwde omgeving. Indirect effect is dat er voor alle gemeenten meer prikkels zijn om te zorgen voor passende woonruimte en ambulante begeleiding nadat cliënten uitstromen uit beschermd wonen.
Aanbieders
Gemeenten zullen naar verwachting aan aanbieders vragen om een geleidelijke transformatie van het zorglandschap met meer lokale en ook meer ambulante voorzieningen.
Gemeenten
De verantwoordelijkheid van gemeente voor beschermd wonen verandert: thans zijn ze verantwoordelijk voor de cliënten die zich bij de gemeente melden, na invoering van het wetsvoorstel voor de eigen inwoners van de gemeente. Gemeenten blijven de beleidsvrijheid houden om individueel of gezamenlijk in regioverband in te kopen

Reactie LSFVP

Met dit wetsvoorstel wordt de gemeente waar iemand woont verantwoordelijk voor de maatwerkvoorziening beschermd wonen. Een aantal uitzonderingen wordt in de wet genoemd. Daaronder valt ook de cliënt die al in een instelling in de zin van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg verbleef en zijn woonadres naar die instelling had gewijzigd. Voor hem geldt dat hij een melding voor behoefte aan beschermd bij zijn ‘oude’ woonplaats kan doen. Die gemeente is verantwoordelijk voor de verstrekking van de voorziening.

Een positief gevolg van dit wetsvoorstel lijkt te zijn dat de zorg dichterbij de cliënt georganiseerd kan worden. De mogelijkheid om als familie en sociaal netwerk van de cliënt betrokken te zijn en te blijven bij de cliënt, wordt hiermee – in lijn met de doelstelling van de Wmo – versterkt. Al langere tijd is bekend dat het sociale netwerk, waaronder de familie, een belangrijke rol speelt in het herstel van de cliënt. Om die reden is een speciale plek voor de familie(vertrouwenspersoon) ingeruimd in de Wet verplichte ggz. De Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen (LSFVP) kan zich dan ook vinden in dit wetsvoorstel. Wel heeft de LSFVP enige twijfel bij de uitvoering van de wet. De vraag is of de wens van een cliënt om in zijn eigen woonplaats beschermd te kunnen wonen, altijd kan worden gehonoreerd. En of daarmee altijd de beste zorg wordt geleverd. De LSFVP pleit er in ieder geval voor dat de gemeente samen met de cliënt bekijkt hoe zijn sociale netwerk het beste kan worden betrokken.